Spruitjes hebben bij veel mensen nog altijd de reputatie van een straf uit de kindertijd. In deze wok bak je ze na het koken nog even in de pan, tot de snijvlakken bruin en zoet worden, naast blokjes tempé die goudbruin en krokant zijn. Geroosterde cashews erover, een scheut sojasaus, en je zit met een kom noedels die je in november graag op tafel zet.
Het recept komt uit het Vastenkookboek, uit het hoofdstuk met avondmaaltijden: stevig genoeg om de nacht door te komen, klaar in een halfuur.
- Elke week één onderwerp volledig uitgespit in een Dossier.
- Elke week Shownotes PLUS met wetenschappelijke verdieping bij de podcast.
- De Werkbladen en Checklists uit mijn praktijk om zelf aan de slag te gaan.
- Elke maand een live Ask Me Anything-sessie voor al jouw gezondheidsvragen.
In één oogopslag
- Indicatie: een stevige, plantaardige avondmaaltijd in het spruitjesseizoen, voor wie minder vlees en meer groenten wil eten.
- Past in: vegetarisch en veganistisch
- glutenvrij met glutenvrije tamari en rijstnoedels
- lactosevrij zoals hij is
- Dosis: een bord per persoon, als hoofdgerecht.
- Bereidingstijd: ongeveer 25 minuten, waarvan 15 actief; eenvoudig.
- Seizoen: herfst en winter, wanneer spruitjes op hun best zijn.
- Houdbaarheid: twee dagen in de koelkast; de tempé verliest dan wel zijn krokantje. Invriezen raad ik af, want spruitjes worden dan papperig. Warm op in een hete pan.
- Laat de restjes snel afkoelen en zet ze binnen twee uur goed afgesloten in de koelkast.
- Per portie, indicatief: ongeveer 29 g eiwit, minstens 9 g vezels en 1,6 g zout, met zoutarme sojasaus.
- Bron van het recept: 16:8 Vastenkookboek (2021).

Het recept
Voor 4 personen.
